Make your own free website on Tripod.com

Vossenonderzoek
Vorige Start Terug Volgende

 

Vossenonderzoek in Vlaanderen

Het is een opvallend verschijnsel dat de verspreiding van de Vos (Vulpes vulpes) in Vlaanderen gedurende het laatste decennium sterk is toegenomen, zowel in areaal als in densiteit. Tot op heden zijn er echter geen accurate gegevens voorhanden omtrent de omvang van de vossenpopulatie in Vlaanderen en de evolutie ervan, en omtrent de bestrijdingsintensiteit en resulaten daarvan. Om op deze vragen een antwoord te krijgen startte op 1 november 1995 aan de Universiteit Antwerpen, in samenwerking met Koen Van Den Berge van het Instituut voor Bosbouw en Wildbeheer te Geraardsbergen, een project aangaande de positie van de Vos in het Vlaamse Gewest. Het onderzoek, dat gefinancierd wordt door het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap en een periode van 4 jaar beslaat, heeft als doel een beter inzicht te krijgen in de verspreiding en densiteit van de Vos in Vlaanderen, en in de populatie-dynamische factoren die hiermee samenhangen. De resultaten van het onderzoek zullen ondermeer gebruikt worden om advies te verlenen in verband met de vastlegging van de nieuwe openings- en sluitingsdata van de jacht, die van kracht worden vanaf 1 juli 1998.

In het project zijn 3 luiken te onderscheiden.

Een eerste luik van het onderzoek heeft als doel inzicht te krijgen in de huidige verspreiding van de Vos in Vlaanderen, de variatie in densiteit daarbinnen, en in de actuele tendenzen daarbij. Daarnaast zal de huidige verspreiding vergeleken worden met de situatie vroeger. In het kader van dit verspreidingsonderzoek worden enquêtes verdeeld naar boswachters, natuurwachters en gemeenten, en wordt de medewerking gevraagd van natuurverenigingen en jagerij.
In het tweede onderzoeksluik zullen de oorzaken en gevolgen van de areaalsuitbreiding van de Vos geanalyseerd worden door inzicht te verwerven in de populatiedynamiek van de Vos. Onderzocht zullen worden: dieet, terreingebruik, dispersie, voortplanting, sociale organisatie en sterfte.

Daarnaast zal de frequentie en ernst van eventuele economische schade aangericht door vossen bij particulieren nagegaan worden. Aan de hand van de resultaten hiervan zullen voorstellen geformuleerd worden om dergelijke schade te minimaliseren en/of te voorkomen.

Een laatste onderzoeksluik behelst parasitologisch en genetisch onderzoek op een representatieve steekproef vossen verspreid over Vlaanderen.

In 1996 zal het veldwerk zich toespitsen op Limburg en Oost-Vlaanderen. Nadat de bestaande burchten in kaart zijn gebracht, zullen zoveel mogelijk jonge vossen gemerkt worden. Per provincie zullen tevens een aantal vossen met zenders uitgerust worden om hun verplaatsingen na te gaan. In het kader van dit praktisch onderzoek wil ik een oproep doen naar al diegenen die één of meerdere vossenburchten weten liggen, om deze lokaties door te geven. Hierbij wil ik benadrukken dat grote voorzichtigheid geboden is: nader de burchten niet dichter dan 30 meter, want bij verstoring worden de jongen zeer snel naar een andere burcht verhuisd.

Hoewel dit jaar bij het veldonderzoek de nadruk ligt op Limburg en Oost-Vlaanderen, is informatie over vossenburchten uit de rest van Vlaanderen eveneens welkom.

Alle informatie omtrent eventuele burchten kan je sturen naar:

RUCA t.a.v. Muriel Vervaeke
Dept. biologie - Evolutionaire Biologie
Groenenborgerlaan 171
2020 Antwerpen
fax: 03/218 04 74
email: muver@ruca.ua.ac.be

 

Design & maintenance by Bonx
Copyright © 2000. JNM Zoogdierenwerkgroep. All rights reserved.
Last updated on 18/11/1999